Het bedrijf

5 Generaties ambitieuze boomkwekers

Het bedrijf

 

Bart Faassen Tegelen BV en Faassen-Hekkens BV zijn in 90 jaar tijd uitgegroeid van kleine specialistische bedrijven tot een brede groen-leverancier. Ook het werkgebied is in de loop der jaren uitgebreid van enkele kilometers in en rond Limburg tot heel Europa. Enkele cijfers op een rij:

75 Hectare productiekwekerij in Noord-Limburg

25 Vaste medewerkers

2 Locaties (Tegelen, Limburg & Achtmaal, Noord-Brabant)

3 Vrachtauto’s en 3 busjes voor eigen vervoer

Afzet van 5 miljoen planten per jaar

Met een modern, professioneel en goed uitgerust hecht team streven wij ernaar de beste producten te leveren. Hiervoor zijn wij onder andere gecertificeerd met het MPS-A+ certificaat. Daarnaast zijn wij al jaren voorloper op het gebied van duurzame producten met bekende (en autochtone) herkomst. Ons Planet Proof certificaat en deelname aan Naktuinbouw Select Plant onderstrepen dit.

 

v.l.n.r. Bart, Rowan, Léon, Florian en Ed Faassen

 

Historie

Een klein stukje geschiedenis

1933 – Voorraadlijst A. Faassen en Zonen

 

Arnold Faassen, beter bekend als Bergs Nölke werkte als gewone arbeider in de klei-industrie, maar barstte van de ambitie. In 1883 begon hij dennenplanten te kweken; dennenplanten die hij verkocht aan de gemeente, kasteel de Holtmühle en Duitse houtvesters. Aan werk geen gebrek. Arnold moest herhaaldelijk zijn gehele, omvangrijke familie optrommelen om op landgoederen in Duitsland bos aan te planten. Van zijn zes kinderen kwamen er drie in het bedrijf dat toen A. Faassen en Zonen ging heten: Willem (1886), Bert (1892) en Tinus (1900). Bert bleek de meest ondernemende. Waar hij een kans zag, greep hij die met beide handen aan. Al op jeugdige leeftijd…

Op 31 juli 1914 werd de algehele mobilisatie uitgeroepen. Bert moest opkomen. Hij werd gedetacheerd bij Zundert aan de Belgische grens. Omdat Nederland neutraal bleef, had hij weinig om handen. Bert nam de gelegenheid te baat om contacten aan te knopen met plaatselijke aardbeientelers. Hij wist hen te bewegen om voor zijn vader boompjes te gaan kweken. Boompjes, die vervolgens met de trein naar Tegelen werden vervoerd.

 

Na de oorlog begon iedere zoon een eigen bedrijf: Faassen-Peeters (Willem, later naar Baarlo), Faassen-Hekkens (Bert, Tegelen) en Faassen-Houba (Tinus, Tegelen). Vooral Bert deed het goed. Hij kweekte op zijn 12 ha groot bedrijf laan- en sierbomen, treurbomen, fruitbomen, coniferen, groenblijvende planten, rozen, heesters, klimplanten, bos- en haagplantsoen. Bert richtte zich vooral op de particuliere markt. Hij stelde jaarlijks een fraaie catalogus samen, die hij in een oplage van 30.000 exemplaren verspreidde; compleet met bestelformulier en gefrankeerde antwoordenveloppe. Bestellingen werden in stro verpakt en ter plekke op de trein gezet. Bert had een eigen aftakking van het spoor, waar plaats was voor vijf wagons.

 

 

 

Laden van wagons

Vervoer van bomen per trein

Bert stond alom bekend om zijn vakmanschap. Toen de branchevereniging iemand voor marktonderzoek naar Frankrijk moest sturen,  deed ze bijna automatisch een beroep op hem. Op het briefpapier en op de omslag van de catalogus verscheen midden jaren dertig een nieuw logo: een schip dat, beladen met bomen de wereld rondvaart. Bert wilde een wereldspeler worden en timmerde stevig aan de weg. Uit zijn orderboek blijkt dat hij onder meer leverde naar de Engelse steden Liverpool, Dover, Elgin, Farnham en Woodbridge. Klanten kwamen zelf ook wel eens naar Tegelen. De laatste meters vanaf het station legden ze dan te voet af. Regelmatig kwam het voor dat ze per abuis bij de verkeerde Faassen (Faassen-Houba) naar binnenstapten, waar ze -uiteraard- evenzeer met open armen werden ontvangen. Bert was daar allesbehalve blij mee. Hij waarschuwde in de catalogus van 1933-1934: ‘Let s.v.p. op het juiste adres’.

 

Bert was voortdurend op zoek naar plantmateriaal. Midden jaren dertig trof hij in een partij Noorse esdoorns in België een zeer zeldzame rode mutant aan. Hij kweekte deze op tot een nieuwe soort, die tot op de dag van vandaag bekend staat als Faassen’s Black. Berts oudste zoon Noud wist er na de bevrijding Canada enthousiast voor te maken. Het Tegelse bedrijf groeide daarna als kool en kon zich op zeker moment zelfs de grootste van Nederland noemen. Hoofdactiviteit bleef het kweken en verkopen van planten voor bossen en plantsoenen. Samen met John Bergmans begon Faassen daarnaast parken, particuliere tuinen, sportvelden en begraafplaatsen aan te leggen. Grootheden zoals Frits Philips en de gebroeders van Doorne (DAF) behoorden tot hun klantenkring. Ze waren bij Faassen-Hekkens kind aan huis.

In 1963 kwam Bert te overlijden. Noud volgde hem op, maar stierf, veel te jong, in 1974. Broer/medevennoot Sjraar nam de zaak over. Faassen-Hekkens had inmiddels ook grond in Belfeld en Reuver. “Hij die een boom plant, plant hoop”, zei de Amerikaanse dichter Lucy Larcom ooit. De boomkwekersfamilie Faassen doet dat al 130 jaar.

Luchtfoto kwekerij Tegelen
(tekst uit het boek ‘Gemak in Tegele’ van Paul Seelen)

 

Ontwikkeling boomkwekerijen Faassen

Boomkwekers-stamboom Faassen